Zelf op zoek naar financiering?
  

Logo

Crowdfundmarkt

  • Vind en vergelijk alle crowdfundingprojecten
  • Projecten met financieel rendement van AFM-geregistreerde platformen
Vernieuwing financiële sector: 6 adviezen aan de regering
19 oktober 2017 article-image

Het nieuwe regeerakkoord laat kansen liggen om de toegang tot financiering voor het MKB en sociale en maatschappelijke innovaties te verbeteren. Crowdfunding en andere vormen van Alternatieve Financiering worden niet genoemd in het regeerakkoord. Nederland behoorde tot begin 2016 tot de koplopers in Europa, maar verliest de aansluiting. Waar in Engeland al 15-20% van de huidige financieringen van het MKB verloopt via nieuwe financieringsplatformen, is dit marginaal in Nederland. Scandinavische landen en Baltische mini-staten passeren Nederland. Het gebrek aan passende wettelijke kaders, regulering en de juiste stimuleringsmaatregelen zijn spelbrekers. De Wereldbank en Europees onderzoek tonen aan dat Nederland onderaan bungelt in toegang tot kapitaal voor het MKB. Ook meldt De Nederlandsche Bank dat de bancaire rentekosten bij leningen onder de één miljoen euro flink hoger zijn dan in andere eurolanden (0,8%). Daarnaast is er een breed scala aan alternatieve financieringsvormen ontstaan die nauwelijks gereguleerd zijn. In de ons omliggende landen is gebleken dat actieve steun vanuit de wetgever en institutionele partijen nodig is om een eerlijk speelveld te creëren in de huidige bancair gestuurde economie. Het regeerakkoord rept hier met geen woord over. Wij pleiten voor 6 concrete maatregelen die de komende periode genomen kunnen worden in de uitwerking van het regeerakkoord om de financiële sector werkelijk te innoveren.

1. MKB blijft aan het bankinfuus - Gedragscode biedt geen oplossing

Het MKB is sterk afhankelijk van banken en er is in volume weinig variatie in financieringsvormen die beschikbaar zijn. De Gedragscode Kleinzakelijke Financiering die door de NVB wordt ontwikkeld is te vrijblijvend en zal geen impact hebben. De gedragscode is bedoeld om MKB klanten beter te beschermen en de toegang tot financiering te vergroten voor het MKB. De code voorziet echter niet in een adequate doorverwijzing of samenwerking met alternatieve financiers zoals bij gestapeld financieren. Recent onderzoek toont aan dat de meeste afwijzingen voor financiering in het voortraject plaatsvinden, zonder dat er een formele aanvraag wordt ingediend. Deze ondernemers zijn totaal niet interessant voor de bank, maar worden niet noodzakelijkerwijs doorverwezen of geïnformeerd over alternatieve mogelijkheden. Ook zijn banken zeer selectief in het doorverwijzen naar alternatieve aanbieders, en maken gebruiken van hun eigen preferred suppliers, waardoor veel groei- en innovatie kansen onbenut blijven en niet de beste oplossing voor de ondernemer gevonden wordt. Maatregel 1: Leg de doorverwijsplicht vast en verplicht banken en alternatieve financiers om hier aan mee te werken. Zorg dat kredietgegevens door partijen onderling worden uitgewisseld als de ondernemer hiermee instemt (PSD2).

2. Vaart maken met wetgeving en vergunningverstrekking

In het regeerakkoord wordt een lichte bankvergunning aangekondigd voor Fintech bedrijven. Het is onduidelijk voor welke type Fintech bedrijven dit is bedoeld en hoe deze vergunning er uit gaat zien. Het is echter goed dat er nieuwe regelgeving komt voor Fintech bedrijven, omdat de marktpartijen, toezichthouders, maar ook de investeerders en ondernemers hier al langere tijd op wachten. Op 12 oktober heeft het Ministerie van Financiën in ieder geval een publieke consultatie gestart om input te krijgen uit de markt over onderhandse crowdfunding leningen, waarbij aangegeven wordt dat de markt voor crowdfunding van effecten nu al voldoende gereguleerd wordt. In een eerdere consultatie ronde in 2015 reageerden alleen enkele juristen en de NVB. Waarom verder treuzelen? Immers de AFM en de brancheorganisatie Nederland Crowdfunding hebben al om wetgeving gevraagd. Er zijn voldoende (internationale) inzichten van marktpartijen en internationale regimes op een goed wettelijk kader voor Crowdfunding op te stellen. Snelheid is geboden, temeer omdat Nederlandse institutionele investeerders dit jaar al aanzienlijke bedragen investeren via crowdfunding platformen net over de grens. Daar zijn wel wettelijke kaders en permanent toezicht geregeld. Daarnaast duurt het ook onnodig lang (tot 2 jaar) voor verstrekkers van risicokapitaal om een vergunning als beleggingsonderneming te krijgen. Bij een eenduidig kader zou 3 maanden kunnen volstaan. Minimale wettelijke eisen voor regulering crowdfunding Als aanzet op de consultatie over de crowdfunding sector, zetten wij hier alvast de belangrijkste elementen op een rij voor vergunningen voor crowdfunding (vreemd en eigen vermogen financiering): 1. Stap af van een ontheffingsstelsel en zorg voor volwaardige vergunningen met permanent toezicht. Elk platform dat twee jaar of langer commercieel functioneert of een volume van 2,5 miljoen euro haalt, is vergunningplichtig. 2. Laat de niet controleerbare eis vervallen dat niet meer dan 10% van het besteedbaar vermogen naar crowdfunding mag als een platform vergunningplichtig is. 3. Harmoniseer risico-classificaties. Die zijn nu op elk platform anders. 4. Stel eisen aan periodiek financieel beheer van de portfolio (updates ondernemers per 3 maanden) en beheer van verpandingen of zekerheden. 5 .Netto rendementen behoren minstens per kwartaal, het liefst per maand te worden geupdated. Netto rendement, kosten en default moet concreet worden gedefinieerd en door alle partijen gelijk worden toegepast. 6. Defaults behoren na 90 dagen te worden genomen, niet na één jaar. 7. De toegang tot de administratie van platforms moet direct overdraagbaar zijn aan een onafhankelijke derde partij. Hiervoor behoren kosten te worden gereserveerd, mogelijk in de vorm van maandelijkse beheervergoedingen 8. Bestuurders van de onafhankelijk derde partij mogen niet de eigenaren/aandeelhouders van het crowdfundingsplatform zijn. 9. Er is periodieke openbare informatie nodig over de financiële prestaties van de platforms zelf, niet beperkt tot de toezichthouder zelf. 10. Beboet platforms die te laat hun rendementscijfers aanpassen. Maatregel 2: Laat een werkgroep met interne en externe experts binnen 3 maanden een nieuwe wettelijk kader ontwikkelen voor crowdfunding.

3. Ander type vergunning voor community financiering

Het is daarnaast belangrijk dat er voor (sociaal) ondernemers die financiering in eigen kring ophalen een aanvulling komt om via community financiering fondsen te kunnen werven in beperkte kring via bijvoorbeeld Impact Bonds of community finance. Een voorbeeld hoe dit ingevoerd kan worden is gebruik te maken van aanvullende bepalingen in de wetgeving voor “social enterprises” die financiering ophalen, zoals de “Registered Societies” in Engeland. In het regeerakkoord wordt aangegeven dat er passende regels en meer ruimte gaat komen voor ondernemingen met sociale of maatschappelijke doelen. Het is dan ook belangrijk dat hier de mogelijkheden voor financiering dan ook gelijk aan gekoppeld worden. Projecten met een (sociale) impact in de buurt of regio, zouden een specifieke status kunnen krijgen, waarmee burgers meer vrijheid krijgen om ook in risicovolle projecten te investeren wanneer ze ook de (sociale) meerwaarde van het project belangrijk vinden. In het regeerakkoord wordt hier verder op ingegaan bij het ondersteunen van lokale energiecoöperaties, maar dit zou nog breder moeten worden getrokken. Maatregel 3: Zorg voor wetgeving voor community financiering voor sociale en maatschappelijke initiatieven.

4. Ondersteun lokale burgerinitiatieven via Expertise Centra

In het land zijn er veel burgerinitiatieven actief om maatschappelijke uitdagingen op te pakken rond de energietransitie, ouderenzorg, wonen en duurzame landbouw. Er is een sterke groei van lokale coöperaties. In het regeerakkoord wordt aangegeven dat de “Right to Challenge” en ook het “recht op overname” onderzocht zal worden. Daarbij gaat het om zaken als het onderhoud van een park, het beheer van sportvelden of andere maatschappelijke voorzieningen, waarbij lokale verenigingen of buurtbewoners het eerste recht krijgen om maatschappelijke voorzieningen te beheren of over te nemen en de bijbehorende functie voort te zetten. De noodzaak voor financiële onderbouwing en financiering van dit soort initiatieven wordt echter niet besproken, terwijl dit belangrijk is om werkelijk impact te bereiken en op te schalen. Aan de andere kant is er nieuwe wetgeving aanwezig of in ontwikkeling om dit soort initiatieven te ondersteunen en zijn er nieuwe financieringsmodellen en aanbieders die dit soort initiatieven kunnen realiseren. De kennis om deze partijen bij elkaar te brengen is in beperkte mate aanwezig en moet opgeschaald worden. Maatregel 4: Ondersteun en financier expertise centra die sociale en maatschappelijke initiatieven in een vroege fase helpen bij de business case en het financieringsplan.

5. Garanties en verzekeringen ook voor Alternatieve Financiers

Het nieuwe investeringsfonds InvestNL van de overheid heeft € 2,5 miljard beschikbaar voor risicokapitaal, garanties, exportkredietverzekeringen en internationale financieringsprogramma's. Zorg ervoor dat InvestNL ook actief gaat samenwerken met de nieuwe aanbieders van financiering, zoals crowdfunding platformen en community financieringsoplossingen. Maatregel 5: Na regulering worden bestaande borgstellingen (BMKB) en staatsgaranties en -verzekeringen toegankelijk voor alle Alternatieve Financiers.

6. Stimuleer eigen vermogen investeringen krachtig via fiscale regelingen

Het mkb is nog zwaar verslaafd aan vreemd vermogen financiering. In een periode van groei is het op orde krijgen van het eigen vermogen een grote uitdaging. Risicokapitaal verstrekking (zonder onderliggend hard onderpand) is erg lastig in Nederland, zeker als het om kleinere of om juist grote bedragen gaat. Stimuleer daarom met fiscale maatregelen de inleg van start- en groeivermogen, zoals ook gebruikelijk is in Engeland, Frankrijk en Vlaanderen. Ook StartupDelta onderschrijft de noodzaak voor meer risicokapitaal. Dit maakt mkb bedrijven minder afhankelijk van bancaire financieringen. Maatregel 6: Geef partijen die investeren in eigen vermogen toegang tot fiscale voordelen en/of aftrekmogelijkheden. Zorg dat dit ook geldt voor equity crowdfunding. Ronald Kleverlaan - Directeur European Centre for Alternative Finance, Universiteit Utrecht https://www.linkedin.com/pulse/gemiste-kans-vernieuwing-financi%C3%ABle-sector-6-adviezen-kleverlaan/ Lex van Teeffelen - Lector Financiële en Economische Advisering, Hogeschool Utrecht https://www.linkedin.com/pulse/gemiste-kansen-voor-vernieuwing-financi%C3%ABle-sector-6-de-van-teeffelen/
Ondernemer?
Crowdfundscout geeft u binnen één minuut advies over welk crowdfundingplatform het beste past bij uw financieringsaanvraag.
Investeerder?
Ontdek hier alle actuele crowdfundingprojecten in Nederland van de AFM-geregistreerde crowdfundingplatformen. Met Crowdfundpanel beheert uw totale crowdfundingportefeuille ongeacht het crowdfundingplatform.

Vier tips voor uw eerste crowdfund-investering
16 oktober 2017 article-image

Denkt u klaar te zijn voor uw eerste crowdfund-investering of wilt u meer uit uw huidige investering halen? Er zijn nog enkele experttips te noemen.

1. Invloed op uw investering

U wilt u er natuurlijk zeker van zijn dat u aan het einde van de rit uw geld terugkrijgt. Een mooi rendement is ook niet verkeerd. Maar het is, net als bij beleggen, nooit zeker of u nog iets van uw ingelegde kapitaal terugziet. Wel kunt u uw risico's beperken door uw geld te verspreiden over meerdere projecten. Dit hoeft niet veel te kosten; investeren kan soms al vanaf enkele tientjes. Nadat u geïnvesteerd heeft, hoeft u niet vanaf de zijlijn toe te kijken wat de ondernemer met uw geld doet. U kunt – zij het in beperkte mate – invloed uitoefenen op uw investering. Wel blijkt dit vaak kostbaar, gezien er volgens crowdfundingexpert Ronald Kleverlaan een causaal verband is tussen de hoogte van de investeringssom en de mate van invloed. "Een ondernemer zit niet te wachten op de mening van honderden investeerders die een klein bedrag stoppen in zijn campagne. Met partijen die grote bedragen inleggen, gaat u vanzelfsprekend andere afspraken maken."

2. Do's & don'ts voor gevorderden

Kleverlaan heeft ook nog een paar do's en don'ts voor de gevorderde crowdfunder:
  • Help de ondernemer met uw netwerk. Breng hem in contact met personen die verstand hebben van de sector waarin de ondernemer zich begeeft.
  • Spreek af met de ondernemer. Veel contact gaat vaak via het crowdfundingplatform, maar wees niet bang om die trend te doorbreken door een afspraak te maken. Het kan het vertrouwen tussen investeerder en ondernemer vergroten en u krijgt een beter beeld van hoe u een steentje bij kunt dragen.
  • Promoot het project waarin u investeert bij vrienden, familie, kennissen en collega's. Hoe meer bekendheid het project genereert, hoe beter.
  • Ga niet op de stoel van de ondernemer zitten, maar bied enkel uw expertise en kennis aan. Het is aan de ondernemer om de hulpvraag te accepteren.

3. Beste exit-strategie

Professionele investeerders denken vaak na over een exit-strategie, een plan om uit een investering te stappen wanneer deze genoeg heeft opgebracht. Bij crowdfunding is het niet aan te raden om vroegtijdig, dus nog voor de einde van de looptijd van een project, uw aandeel te verkopen. Ondernemers hebben tijd nodig om een project op te zetten en om omzet te draaien. Pas uw visie daarop aan. Wacht bijvoorbeeld rustig op het moment dat een externe partij de boel opkoopt of dat de ondernemer kiest voor een beursgang. Hoewel investeringen via crowdfunding in theorie verhandelbaar zijn, blijken de opties in de praktijk overigens beperkt. Er is nog geen markt om uw crowdfundinginvestering te verhandelen.

4. Afkijken

Vindt u het moeilijk een project uit te zoeken? Kijk dan eens wie er in een project investeren. Vaak kunt u zien wie er achter een investering zit en in welke projecten hij verder nog investeert of heeft geïnvesteerd. Met een beetje googlewerk kunt u erachter komen of deze projecten het goed hebben gedaan en of de crowdfundinginvesteerder zodoende een beetje feeling heeft met crowdfunding. Uit onderzoek blijkt dat crowdfunders die frequent hun geld in projecten steken, geïnteresseerd zijn in projecten die goed gemanaged worden, een brede insteek hebben en snel groeien. De gelegenheidsinvesteerder zoekt eerder kleinere projecten met een lokale insteek op. Vaak zijn het vrienden en familie van de ondernemer in plaats van professionele crowdfunders die geïnteresseerd zijn in grotere, spraakmakende campagnes. Tot slot, uiteindelijk geldt ook voor crowdfunding: in het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Justin Doornekamp is freelance-redacteur bij Participaties.nl. Justin Doornekamp kan posities innemen op de financiële markten. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Uw reactie aan de auteur is welkom. Bron: https://www.participaties.nl/Column/257268/Vier-tips-voor-uw-eerste-crowdfund-investering.aspx
Ondernemer?
Crowdfundscout geeft u binnen één minuut advies over welk crowdfundingplatform het beste past bij uw financieringsaanvraag.
Investeerder?
Ontdek hier alle actuele crowdfundingprojecten in Nederland van de AFM-geregistreerde crowdfundingplatformen. Met Crowdfundpanel beheert uw totale crowdfundingportefeuille ongeacht het crowdfundingplatform.

Ministerie van Financiën vraagt uw hulp omtrent crowdfunding
13 oktober 2017 article-image

Heeft u waardevolle feedback voor Minister Dijsselbloem? Crowdfunding is een financieringsvorm, waarbij geldvragers geld van het publiek aantrekt. Met het meer volwassen worden van de markt groeit het belang van een toekomstbestendig juridisch kader gekoppeld aan goed en effectief toezicht. Het is daarom wenselijk te onderzoeken op welke wijze aanpassingen in wet- en regelgeving verder bij kunnen dragen aan de ontwikkeling van crowdfunding. Dit document richt zich daarbij op crowdfunding waarbij de financiering is vormgegeven als onderhandse lening. Doe mee via https://www.internetconsultatie.nl/crowdfunding Hier onder vindt u de tekst van het consultatiedocument:

Consultatiedocument – Juridisch kader crowdfundingplatformen onderhandse leningen

Introductie

1a. Inleiding

Crowdfunding is een vorm van financiering, waarbij een partij (de ‘geldvrager’) financiering verkrijgt van het publiek (de ‘geldgevers’). Dit consultatiedocument heeft betrekking op de situaties waarin publieksfinanciering tot stand komt door tussenkomst van een online platform, waarbij de exploitant van het platform (hierna aangeduid met het begrip “platform”) een bemiddelende rol speelt tussen geldgevers en geldvragers. De relatief laagdrempelige toegang maakt dat partijen via crowdfunding investeerders kunnen bereiken die bij traditionele financieringsvormen minder eenvoudig bereikt worden. Er bestaan verschillende soorten crowdfunding met bemiddeling door online platformen, waarvan er twee binnen de reikwijdte van de Wet op het financieel toezicht (Wft) vallen. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) houdt toezicht op deze twee soorten. Allereerst betreft dit crowdfunding door de uitgifte van effecten, zoals aandelen of obligaties (Crowdfunding gebaseerd op Effecten, CE) die door tussenkomst van een online platform worden aangeboden aan het publiek. Daarnaast betreft dit Crowdfunding door het uitschrijven van een Onderhandse Lening (COL) die door tussenkomst van een online platform wordt gesloten tussen geldvragers en -gevers. Hoewel bij crowdfunding de geldvrager in de regel een onderneming is, kan ook een consument als geldvrager optreden. De vorm van crowdfunding waarbij consumenten zowel geldvragers als geldgevers zijn, wordt ook wel aangeduid als peer-to-peer lending, een subcategorie van COL. Buiten het kader van dit consultatiedocument valt de vorm van crowdfunding waarbij de geldvrager zich zonder tussenkomst van een online platform wendt tot het publiek, bijvoorbeeld rechtstreeksvia internet of een andere vorm van communicatie, of door middel van de uitgifte van aandelen of obligaties, al dan niet door tussenkomst van een bank of beleggingsonderneming.

1b. Aanleiding voor de consultatie

In 2016 is de omvang van crowdfunding binnen de reikwijdte van de Wft ten opzichte van 2015 toegenomen van € 90 mln. tot €143 mln. Er zijn meer dan 50 platformen opgenomen in het register van de AFM, waarbij de tien grootste platformen een gezamenlijk marktaandeel van rond de 90% hebben. Met de transitie van de groeifase naar een meer volwassen stadium groeit ook het belang van een toekomstbestendig juridisch kader gekoppeld aan goed en effectief toezicht met een adequaat handhavingsinstrumentarium. Gezien de ontwikkelingen is het daarom wenselijk te onderzoeken op welke wijze (fundamentele) aanpassingen in wet- en regelgeving verder bij kunnen dragen aan de ontwikkeling van crowdfunding. CE-platformen kwalificeren als beleggingsondernemingen, waarop reeds een uitgebreid regelgevend kader, inclusief doorlopend toezicht van de AFM, van toepassing is. Dit regelgevend kader is Europees geharmoniseerd (MiFID) en biedt beperkt ruimte om nationaal vanaf te wijken. Daar het MiFID-kader voldoet, is er bovendien geen noodzaak om voor CE-platformen afwijkende regels op te stellen. COL-platformen vallen onder nationale wet- en regelgeving. In het licht van de ontwikkeling van de markt heeft de AFM in haar jaarlijkse wetgevingsbrief in 2016 aangegeven de tijd rijp te vinden voor het nader invullen van het regelgevend kader. Dit is onderschreven door de minister van Financiën. Ook het Internationaal Monetair Fonds heeft in het kader van het Financial Services Action Plan (FSAP) aanbevolen om COL uitgebreider te reguleren in Nederland. Dit consultatiedocument heeft tot doel te inventariseren op welke wijze het regelgevend kader voor COL kan worden versterkt.

1c. Opzet consultatie en praktische zaken

Om te komen tot een passend regime voor COL is het van belang geen onnodige barrières op te werpen en zo mogelijk voort te bouwen op de huidige regels uit het BGfo en de nadere voorschriften die de AFM stelt. Om bijdragen van belanghebbenden mee te kunnen nemen bij de mogelijke vervolgstappen voor de regulering van crowdfunding is er voor gekozen om belanghebbenden in een vroeg stadium te betrekken, los van een eventueel concreet voorstel voor regelgeving. Het consultatiedocument gaat in op de thema’s bedrijfsvoering, zorgplicht en continuïteit van crowdfundingplatformen, waaronder kwesties als prudentiële eisen gericht op het waarborgen van de soliditeit van crowdfunding platformen en de houdbaarheid van hun bedrijfsmodellen, waarborgen die voor geldgevers zouden moeten gelden, zoals informatievoorziening en andere typen van consumentenbescherming en waarborgen die voor geldvragers zouden moeten gelden. Tot slot wordt er ruimte geboden aan respondenten om opmerkingen mee te geven buiten de thema’s in dit consultatiedocument om. U wordt van harte uitgenodigd te reageren via internetconsultaties.nl/crowdfunding tot en met 26 november 2017. Na afloop van de consultatietermijn zal een overzicht van de reacties worden opgesteld en een consultatieverslag worden gepubliceerd, waarin wordt ingegaan op de vervolgstappen.

2. Bedrijfsvoering & continuïteit van platformen

COL-platformen dienen voor hun activiteiten over een ontheffing op grond van artikel 4:3, vierde lid, Wft te beschikken. Een ontheffinghouder dient bij aanvraag van een ontheffing en doorlopend ná een verleende ontheffing te voldoen aan enkele eisen omtrent het beleid en de inrichting van de bedrijfsvoering in het BGfo ter waarborging van een beheerste en integere uitoefening van het bedrijf. Zo dienen de beleidsbepalers van een platform betrouwbaar en geschikt te zijn, zie de artikelen 2 en 2a van het BGfo, en moet het beleid van het crowdfundingplatform erop gericht zijn dat overtreding van wet- en regelgeving wordt tegengegaan en dat de betrouwbaarheid van werknemers wordt geborgd. De bedrijfsvoering moet verder zo worden ingericht dat een beheerste en integere uitoefening van het bedrijf wordt geborgd, waarbij het platform er in ieder geval voor zorgt dat incidenten worden geregistreerd en gemeld aan de AFM en zo nodig actie onderneemt om herhaling van het incident te voorkomen. Een platform dient vervolgens te beschikken over een interne klachtenprocedure. Tot slot mag een platform geen deel uitmaken van een ondoorzichtige zeggenschapsstructuur, zoals omschreven in artikel 2b van het BGfo. Het doel van de eisen die zijn opgenomen in het BGfo is het voorkomen van het in gebreke blijven van het platform en het ondersteunen van de professionalisering van COL-platformen. Een ander belangrijk aspect van de bedrijfsvoering is de continuïteit. Daar COL-platformen doorlopend fungeren als schakel bij rentebetalingen en het faciliteren van de primaire markt in onderhandse leningen kan het verstandig zijn om prudentiële eisen aan COL-platformen te stellen (zoals eisen aan liquiditeit of solvabiliteit). Doordat een COL-platform een bepaalde reserve heeft, kan bij eventuele problemen de continuïteit van dienstverlening (in ieder geval tijdelijk) worden gewaarborgd. Wanneer een instelling geen bijzondere risico’s loopt, anders dan operationele risico’s – risico’s van verliezen als gevolg van tekortschietende of falende interne procedures en systemen of als gevolg van externe gebeurtenissen, met inbegrip van juridische risico’s – dan wordt in de regel een variabele solvabiliteitseis opgelegd ter grootte van de vaste kosten van de onderneming in kwestie gedurende een bepaalde termijn. 2.1 Volstaan de hierboven beschreven eisen omtrent de bedrijfsvoering die het BGfo thans stelt aan COL-platformen? 2.1.1 Zo ja, waarom? 2.1.2 Indien u van oordeel bent dat de huidige eisen niet volstaan, kunt u dan aangeven welke additionele eisen zouden moeten gesteld of welke bestaande eisen nader zouden moeten worden uitgewerkt. 2.1.3 In hoeverre kan zelfregulering aanvullend helpen bedrijfsvoerings- en continuïteitsrisico’s te mitigeren? Het doel van de eisen die zijn opgenomen in het BGfo is het voorkomen van het in gebreke blijven van het platform en het ondersteunen van de professionalisering van COL-platformen. Een ander belangrijk aspect van de bedrijfsvoering is de continuïteit. Daar COL-platformen doorlopend fungeren als schakel bij rentebetalingen en het faciliteren van de primaire markt in onderhandse leningen kan het verstandig zijn om prudentiële eisen aan COL-platformen te stellen (zoals eisen aan liquiditeit of solvabiliteit). Doordat een COL-platform een bepaalde reserve heeft, kan bij eventuele problemen de continuïteit van dienstverlening (in ieder geval tijdelijk) worden gewaarborgd. Wanneer een instelling geen bijzondere risico’s loopt, anders dan operationele risico’s – risico’s van verliezen als gevolg van tekortschietende of falende interne procedures en systemen of als gevolg van externe gebeurtenissen, met inbegrip van juridische risico’s – dan wordt in de regel een variabele solvabiliteitseis opgelegd ter grootte van de vaste kosten van de onderneming in kwestie gedurende een bepaalde termijn. 2.2 Hoe zouden er in een nieuwe regeling voor COL prudentiële eisen (zoals een minimum eigen vermogen of solvabiliteit) moeten worden opgenomen? 2.2.1 Dient hierbij aan absolute bedragen (een minimum eigen vermogen), of aan ratio’s (een percentsage van de vaste kosten over een bepaalde termijn) te worden gedacht ter beperking van operationele risico’s, dan wel aan een combinatie van beiden ? 2.2.2 Zou bij het prudentieel kader aansluiten bij bestaande wet- en regelgeving, zoals bijvoorbeeld die voor kredietunies of beleggingsondernemingen? Het crowdfundingplatform brengt geldgever en geldvrager bij elkaar, geeft de geldstroom door en draagt zorg voor de administratie van het proces. Consumenten en ondernemingen zijn voor de afhandeling van de lening derhalve afhankelijk van het platform. Het verdienmodel van platformen is in de praktijk veelal gebaseerd op het uitschrijven van nieuwe projecten. Dat zou ertoe kunnen leiden dat er minder aandacht uitgaat naar het beheren van de portefeuille waardoor afbreuk wordt gedaan aan de zorgplicht van het crowdfunding platforms jegens geldvragers en -aanbieders. 2.3 In hoeverre acht u het noodzakelijk dat aanvullende maatregelen moeten worden genomen om de risico’s voortvloeiend uit het verdienmodel van de platformen te mitigeren? 2.3.1 Wanneer u extra maatregelen noodzakelijk acht, welke eisen dienen te worden gesteld? Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan vereisten tot het gespreid innen van provisies. Mocht de continuïteit uiteindelijk niet langer kunnen worden geborgd doordat het platform in gebreke blijft, bijvoorbeeld als gevolg van een faillissement, dan is het belangrijk dat geldvragers en geldgevers weten waar ze aan toe zijn en dat de behartiging van hun belangen is gewaarborgd. In dat kader heeft de AFM bijvoorbeeld in haar nadere voorschriften opgenomen dat platformen vermogensscheiding dienen aan te brengen om de gelden van het publiek veilig te stellen. Een ander voorbeeld waar in dit kader aan kan worden gedacht is het formuleren van een exitplan door het platform. Op die manier wordt voorzien in een ordentelijke marktuittreding indien een platform daartoe besluit of daartoe wordt gedwongen. Het doel van een exitplan is om te identificeren op welke manieren het bedrijf zijn activiteiten kan staken met zo min mogelijk schade voor derden. Bovendien kan het bijdragen aan het vertrouwen van investeerders in de platforms wanneer duidelijk is wat er in geval van faillissement gebeurt met bijvoorbeeld het beheer van de bestaande portefeuille. 2.4 Welke eisen dienen aan vermogensscheiding gesteld te worden? 2.5 Ziet u de meerwaarde van het ex ante opstellen van een exitplan? 2.5.1 Zo ja, welke eisen zouden hieraan gesteld dienen te worden, zoals bijvoorbeeld overdracht van verplichtingen, continuïteit van dienstverlening en afspraken met geldnemers? 2.6 Zijn er overige continuïteitseisen die volgens u gesteld dienen te worden? 2.6.1 Zo ja, welke? Crowdfunding kent mogelijk ook integriteitsrisico’s, zoals witwassen, financiering van terroristische activiteiten, fraude of belangenverstrengeling. Eerder heeft ESMA hier een Q&A over gepubliceerd, met name gericht op CE. ESMA stelt echter in haar Q&A dat ook COL-platformen gevoelig zijn voor mogelijke integriteitsrisico’s. Ook geeft ESMA aan dat het verstandig kan zijn dat platformen voldoende due diligence betrachten bij het onderzoek naar herkomst en bestemming van opgehaalde gelden. 2.7 Welke eisen zijn er naar uw oordeel nodig om integriteitsrisico’s, zoals terrorismefinanciering en witwassen, te mitigeren? 2.8 Zijn er naar uw oordeel aanvullende maatregelen nodig om belangenconflicten te mitigeren?

3. Waarborgen voor geldgevers

Voor COL zijn er op dit moment nagenoeg geen formele regels op het gebied van consumentenbescherming. Op grond van artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van het BGfo is een COL-platform alleen verplicht om de wederpartij duidelijk en volledig over diens rechten en plichten met betrekking tot de overeenkomst te informeren, naast de bestaande verplichtingen onder de Wet handhaving consumentenbescherming. Verder verbindt de AFM in de praktijk nadere voorschriften aan de ontheffing die zien op de informatievoorziening van het platform aan de consument en de informatievoorziening door geldvragers en platformen over de risico’s die aan investeringen verbonden zijn. Bij consumentenbescherming gaat het om de vraag hoe de consument tot een weloverwogen investeringsbeslissing komt. Hierbij is ten eerste van belang dat de consument over voldoende informatie kan beschikken om zelf een oordeel te vellen over een concreet crowdfundingproject. Dit legt de verantwoordelijkheid bij het platform en de geldvrager om de consument die informatie te verschaffen. Consumentenbescherming gaat echter verder dan alleen het verschaffen van voldoende informatie. Op verschillende financiële dienstverleners ligt bijvoorbeeld de plicht om enige inventarisatie te maken van de wensen en omstandigheden van deklant. Het doel hiervan is enerzijds het zo goed mogelijk helpen van de klant en anderzijds te voorkomen dat een klant bijvoorbeeld te veel geld leent of teveel risico neemt bij het beleggen.

3a. Eigen oordeelsvorming investeringsbeslissing geldgevers

Zoals hierboven vermeld, dient een consument over voldoende informatie te kunnen beschikken om een weloverwogen investeringsbeslissing te kunnen nemen. Hierbij is informatie over de geldvrager, het concrete project en de financiering van belang. Het spreekt daarbij vanzelf dat de informatie correct, duidelijk en niet-misleidend moet zijn. Wat betreft de geldvrager kan gedacht worden aan gegevens zoals naam van de entiteit, rechtsvorm en het inschrijvingsnummer van het Handelsregister. Uiteraard is ook de huidige financiële positie en het “track record” van de geldvrager van belang. Hierbij gaat het om zaken als jaarrekeningen, accountantsverklaring, kostenstructuur, externe kredietbeoordeling, maar ook de ervaring van het management. Ten aanzien van het concrete project zouden de volgende zaken beschreven kunnen worden: de markt waarin de geldvrager opereert, het projectplan, besteding van de opbrengst, participatie van eventuele andere financiers en de aard en grootte van risico’s. Wat de lening betreft gaat het bijvoorbeeld om zaken als het gewenste bedrag, de grootte van de leningdelen, de rente en het betalingschema daarvan, het aflossingsschema, wie verantwoordelijk is voor de administratie van de lening, eventuele zekerheden die aan de lening verbonden zitten, andere rechten en plichten en eventuele overdraagbaarheid. Doordat er thans geen duidelijke normen worden gesteld, kan informatie qua inhoud en vorm verschillen per platform. Aan de ene kant kunnen platformen zich hierdoor van elkaar onderscheiden, aan de andere kant maakt dit het voor de consument lastiger om projecten over verschillende platformen heen te vergelijken. Het stellen van meer gedetailleerde eisen aan de informatie over project en geldvrager kan derhalve gevolgen hebben voor de hiervoor benoemde effecten. 3.1 Welke informatie over de geldvrager zou in ieder geval initieel en doorlopend beschikbaar moeten zijn? 3.2 Welke informatie over het concrete project zou in ieder geval initieel en doorlopend beschikbaar moeten zijn? 3.3 Welke informatie over de lening zou in ieder geval initieel en doorlopend beschikbaar moeten zijn? 3.4 Acht u het wenselijk om de vormgeving van de informatie te standaardiseren, bijvoorbeeld in de vorm van een voorgeschreven format? Acht u het in dit kader wenselijk om aan te sluiten bij het informatiedocument, zoals opgenomen in bijlage A van de Vrijstellingsregeling Wft, dat per 1 oktober onder de prospectusvrijstelling is geïntroduceerd? Naast informatie over het project, de geldvrager en de lening kan ook informatie van en over het platform relevant zijn voor de consument. De AFM vereist bijvoorbeeld reeds dat een platform een bepaalde risicoclassificatie aan een project geeft. Indien een geldvrager meerdere projecten via hetzelfde crowdfundingplatform heeft gefinancierd, heeft het platform wellicht inzicht in de betalingsmoraal van de geldvrager en zijn succesratio. Dit kan ook relevante informatie zijn voor consumenten. Eerder is al opgemerkt dat het crowdfundingplatform vaak als schakel optreedt tussen geldgever en geldvrager en de geldstroom doorgeeft en administreert. Consumenten en ondernemingen zijn voor de afhandeling van de lening derhalve vaak afhankelijk van het platform. Het verdienmodel van platformen is echter voornamelijk gebaseerd op het uitschrijven van nieuwe projecten. Dat zou ertoe kunnen leiden dat er minder aandacht uitgaat naar het beheren van de portefeuille. Wat is rol van het platform bij het afhandelen van geschillen tussen geldgevers en geldvragers? Wat gebeurt er wanneer een geldvrager in gebreke blijft? 3.2 Welke informatie over het crowdfundingplatform zou minimaal beschikbaar moeten zijn voor zowel geldgevers als geldvragers om een investeringsbeslissing te kunnen nemen? 3.3 Bent u van oordeel dat het wenselijk is dat een crowdfundingplatform een zeker oordeel geeft over (het risico van) een project? 3.3.1 Zo ja, ziet u dan voordelen in het standaardiseren van inhoud en/of vormgeving van die informatie? 3.4 In hoeverre ziet u een rol voor het platform om de belangen van geldgevers te behartigen wanneer de geldvrager (herhaaldelijk) niet aan de verplichtingen heeft voldaan, bijvoorbeeld als gezamenlijke belangenbehartiger bij faillissementen of het uitwinnen van zekerheden bij wanbetaling? 3.4.1 Wanneer u geen rol voor het platform ziet, zou u dit nader willen toelichten?

3b. Geobjectiveerd oordeel over passendheid investeringsbeslissing voor geldgever

In de inleiding van deze paragraaf werd al gerefereerd aan eisen omtrent het inventariseren van de wensen en omstandigheden van de klant. In dat kader zijn in de nadere voorschriften van de AFM reeds enkele voorschriften opgenomen die als doel hebben het voorkomen dat geldgevers teveel risico nemen. COL-platformen dienen er bijvoorbeeld zorg voor te dragen dat geldgevers binnen de gestelde investeringsgrenzen blijven. Geldgevers mogen op dit moment niet meer dan €80.000,- per platform investeren. Ook dienen geldgevers een investeerderstoets af te ronden wanneer zij meer dan €500,- cumulatief investeren. Wanneer de cumulatieve investeringen vervolgens €5.000,-, €10.000,-, €20.000,-, en €40.000,- overschrijden dient het platform de investeerderstoets opnieuw voor te leggen aan de geldgevers. Voorts moeten platforms zich inspannen om er voor te zorgen dat investeerders niet meer dan 10% van hun vrij belegbare vermogen investeren in crowdfunding. In een nieuw kader voor COL-platformen ligt het voor de hand deze inspanningseisen te bestendigen. Hierbij wordt nadrukkelijk gekeken naar bestaande regimes en de huidige praktijk onder de nadere voorschriften. 3.5 Hoe dienen platformen en geldvragers zorg te dragen voor het inventariseren van de wensen en omstandigheden van de geldgever, bijvoorbeeld door concrete investeringsgrenzen? 3.5.1 In hoeverre dient een platform of geldvrager consequenties te trekken uit de inventarisatie van wensen en omstandigheden? Volstaat een waarschuwing of dient de dienstverlening geweigerd te worden? 3.6 Op welke wijze kunnen volgens u consumenten het beste worden gewezen op de risico’s van crowdfunding?

4. Waarborgen voor geldvrager

4a. Onderneming als geldvrager

De bescherming van ondernemingen wanneer zij financiering zoeken is vorig jaar onderwerp geweest van een consultatie van het ministerie van Financiën. Momenteel wordt door de Nederlandse Vereniging van Banken gewerkt aan een gedragscode voor bancaire financiering. Non-bancaire financiers kunnen zich committeren aan de bancaire gedragscode. Een andere mogelijkheid is dat de sector, of een deel van de sector zelf een gedragscode opstelt om invulling te geven aan de bescherming van ondernemingen. 4.1 De crowdfundingsector zal via zelfregulering invulling moeten geven aan de bescherming van klein-zakelijke klanten. Op welke wijze (bijvoorbeeld het opstellen van een gedragscode) kan de sector hier het beste invulling aan geven?

4b. Consument als geldvrager

Consumenten kunnen bij crowdfunding zowel als geldgever als geldvrager optreden. Wanneer consumenten, al dan niet via een platform, aan andere consumenten geld uitlenen na een openbare oproep wordt gesproken van peer-to-peer-lending. Daar een peer-to-peer-transactie (P2P) wordt aangegaan tussen twee niet-professionele partijen, met eventuele tussenkomst van een professionele partij (het platform), roept dit vragen op wat betreft de consumentenbescherming. Wanneer een consument van een professionele partij leent, gelden er regels die tot doel hebben overkreditering van de consument te voorkomen. Wanneer een consument ergens in investeert, gelden er regels die moeten borgen dat de consument geen risico’s aangaat die hij niet kan dragen. Door onverkort aan te sluiten bij bestaande regimes krijgen consumenten aan beide kanten van de transactie een rol die zij niet waar kunnen maken. De consument als geldgever heeft geen mogelijkheden, zoals toegang tot het Bureau Kredietregistratie, om goed de krediethistorie van de geldvrager in kaart te brengen. Uiteraard kan een geldvrager uit eigen beweging allerhande informatie over zijn inkomens- en vermogenspositie openbaar maken, maar dat is vanuit privacyoverwegingen mogelijk onwenselijk. Van een consument in de rol van geldvrager kan weer moeilijk worden verwacht dat hij de kennis en ervaring van de geldgevers in kaart gaat brengen. Een regelgevend kader voor peer-to-peer-lending zal zich, gezien bovenstaande, moeten richten op de professionele partij (het platform) die tussen de transactie in staat. De vraag die hierbij centraal staat, is hoe ver de verantwoordelijkheid van het platform reikt. Het platform zorgt dat de transactie tot stand komt en neemt (in veel gevallen) ook de uitvoering van de overeenkomst op zich door als doorgeefluik van hoofdsom, aflossing en rentebetalingen te fungeren. Dat maakt het platform in principe de aangewezen instantie om staande principes omtrent de verstrekking van consumentenkrediet, zoals de waarschuwingszin, de maximumkredietvergoeding, de Jaarlijkse Kostenpercentages, de inkomenslastentoets en de toetsing bij het Bureau Kredietregistratie in acht te nemen. Anderzijds laat het platform de geldvrager toe tot het platform en draagt uit hoofde daarvan verantwoordelijkheid voor het beoordelen en transparant maken van het risicoprofiel van de (potentiële) geldvrager, waarbij nadere regels ter borging van de zorgplicht van het platform gesteld kunnen worden. Oplossingen waarbij het platform partij zou worden in de transactie zijn niet goed denkbaar, daar er in een dergelijke situatie al snel bancaire structuren ontstaan: in principe mag alleen een bank zelf gelden aantrekken van het publiek en deze weer doorlenen. Een situatie waarin crowdfundingplatformen quasi-bancaire structuren kunnen bouwen, waarbij voor eigen rekening krediet wordt verstrekt, druist in tegen het doel van de regels die voor banken gelden. Het huidige kader dat nu voor peer-to-peer-platformen wordt gebruikt, namelijk het aanbieden van krediet, voldoet dan ook niet. Dat regime gaat er vanuit dat de aanbieder zich financiert op de professionele markt, en geen gelden van het publiek aantrekt dan wel aanhoudt. Een belangrijk kenmerk van crowdfunding is echter dat de financiering van het publiek wordt verkregen, waarbij een direct verband is tussen geldvrager en geldgever. De meest prangende vraag is echter hoe wenselijk het ontstaan van een alternatief kanaal voor krediet voor consumenten is. Er is eerder al gerefereerd aan kwesties rond privacy; zullen consumenten bereid zijn om veel persoonlijke informatie openbaar te maken? Bovendien is het waarschijnlijk dat vooral consumenten die een hoog risico vormen en daardoor elders geen krediet kunnen krijgen geld middels crowdfunding willen lenen. Dit staat op zichzelf al op gespannen voet met het kernprincipe van de regels omtrent kredietverstrekking, namelijk het voorkomen van overkreditering. 4.3 In hoeverre acht u kredietverlening tussen consumenten via een openbaar platform wenselijk? 4.3.1 Indien u het wenselijk acht, op welke bij de transactie betrokken partij rusten de verplichtingen ter voorkoming van overkreditering ter bescherming van geldvragers? 4.4 In hoeverre dienen consumenten openbaar op het platform inzicht te geven in hun financiële situatie? Dienen geldgevers mogelijkheden te krijgen om dit nader te onderzoeken? 4.5 Hoe schat u de risico’s voor zowel geldvrager als geldgever in van deze vorm van kredietverstrekking? 4.6 Bent u van mening dat consumenten die via crowdfunding geld lenen dezelfde beschermingen zouden met hebben als consumenten die via traditionele kanalen geld lenen?”

5. Vervolg

Dit consultatiedocument is erop gericht input te verzamelen over de invulling van een wettelijk kader voor COL met aandacht voor de wenselijkheid, de opbouw en de invulling van verschillende onderdelen van regulering. Het ministerie van Financiën nodigt u van harte uit om te reageren op de voorgelegde consultatievragen. De consultatie start vanaf het moment van publicatie van dit document en loopt tot en met 26 november 2017. U wordt verzocht om uw reactie voor 27 november via internetconsultatie.nl in te zenden. Om de raadpleging transparant te laten verlopen, accepteren wij alleen reacties via deze wijze. Met andere reacties zal geen rekening worden gehouden. U hoeft uiteraard niet alle vragen te beantwoorden. Alle reacties worden na sluitingsdatum op internetconsultatie.nl gepubliceerd. Na de sluitingsdatum zal het ministerie een terugkoppeling geven van de gegeven inzendingen en vervolgstappen aangeven in relatie tot de regulering van COL. 5.1 Welke elementen ziet u in het wet- en regelgevend kader in andere landen, die ook in Nederland zouden moeten worden overwogen? 5.2 Wilt u naast de besproken thema’s en onderwerpen nog aanvullende informatie meegeven?

Bijlage - Vormen van crowdfunding

Crowdfunding is ruwweg in vier typen onder te verdelen, te weten crowdfunding gebaseerd op donaties, beloning, effecten en onderhandse leningen. 1. Crowdfunding gebaseerd op donaties: in essentie komt deze vorm neer op het schenken van geld aan een goed doel. Geldgever brengen geld in voor een bepaald (ideëel) doel, maar krijgen geen tegenprestatie. Deze vorm staat niet onder toezicht van de AFM. 2. Crowdfunding gebaseerd op beloning: deze vorm wordt ook wel sponsoring genoemd. Geldgevers brengen geld in ter ondersteuning van een project tegen een (niet-financiële) tegenprestatie. Hierbij kan gedacht worden aan het financieren van de ontwikkeling van een product, waarbij de geldgevers uiteindelijk dat product krijgen als tegenprestatie. Het financiële aspect is vaak onderschikt en geldgevers voelen zich vooral verbonden met het doel wat de geldvrager nastreeft. Deze vorm staat niet onder toezicht van de AFM. 3. Crowdfunding gebaseerd op effecten: bij deze vorm van crowdfunding geeft de geldvrager effecten uit zoals aandelen of obligaties. Op grond van artikel 5:2 van de Wft is het verboden in Nederland effecten aan te bieden aan het publiek zonder dat daarvoor een door de AFM goedgekeurde prospectus algemeen verkrijgbaar is gesteld. De geldvrager is derhalve prospectusplichtig. In de praktijk zijn echter de meeste aanbiedingen zo gestructureerd dat er een vrijstelling van toepassing is. Daar effecten financiële instrumenten in de zin van de Wft zijn, speelt het crowdfundingplatform een bemiddelende rol ten aanzien van een transactie in financiële instrumenten. Met andere woorden, het platform verleent beleggingsdiensten. Het verlenen van een beleggingsdienst is op grond van artikel 2:96 van de Wft vergunningplichtig. Het gaat dan in ieder geval om de dienst “het in de uitoefening van een beroep of bedrijf ontvangen en doorgeven van orders van cliënten met betrekking tot financiële instrumenten”. De regels voor het verlenen van beleggingsdiensten zijn gebaseerd op de richtlijn markten voor financiële instrumenten, ook wel bekend als MiFID. 4. Crowdfunding gebaseerd op onderhandse lening: de financiering heeft bij dit type crowdfunding de vorm van een onderhandse lening. De geldvrager trekt opvorderbare gelden aan van het publiek. Indien dit bedrijfsmatig gebeurd, is dit in principe verboden. In artikel 24b van de Vrijstellingsregeling Wft is echter een op crowdfunding afgestemde vrijstelling opgenomen: geldvragers mogen tot en met een bedrag van € 2,5 mln. middels deze vorm van crowdfunding geld ophalen. Het platform vervult een bemiddelende rol bij het aantrekken van opvorderbare gelden. Dit is op grond van artikel 4:3 van de Wft alleen toegestaan indien de AFM hiervoor ontheffing heeft verleend. Het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft (BGfo) stelt ten aanzien van de bedrijfsvoering enkele eisen aan platformen met een ontheffing. Wanneer platformen leningen van consumenten aan consumenten faciliteren, hebben zij een vergunning voor het aanbieden van krediet nodig (art. 2:60 Wft).
Ondernemer?
Crowdfundscout geeft u binnen één minuut advies over welk crowdfundingplatform het beste past bij uw financieringsaanvraag.
Investeerder?
Ontdek hier alle actuele crowdfundingprojecten in Nederland van de AFM-geregistreerde crowdfundingplatformen. Met Crowdfundpanel beheert uw totale crowdfundingportefeuille ongeacht het crowdfundingplatform.

Dijsselbloem betrekt sector bij nieuwe regels crowdfunding
13 oktober 2017 article-image

Er komt een nieuw juridisch kader voor crowdfunding. Minister Dijsselbloem van Financiën nodigt betrokken partijen, zoals de grote crowdfundingplatformen en relevante advocatenkantoren uit om met hem na te denken over de invulling van dat kader. De crowdfundingmarkt ontwikkelt zich snel en de regulering is nog beperkt. Zo zijn er voor crowdfunding in onderhandse leningen geen formele eisen aan onder meer consumentenbescherming en informatieverstrekking. Toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft eerder gevraagd om nieuwe wetgeving, waardoor deze vorm van crowdfunding een duidelijker basis kan krijgen binnen de Wet financieel toezicht (Wft). Platformen voor onderhandse leningen hebben nu een ontheffing. Crowdfunding is een innovatieve vorm van financiering waarbij een bedrijf of initiatief geld vraagt aan geïnteresseerden. Dat proces vindt plaats via een online crowdfundingplatform, waarbij de exploitant van het platform een bemiddelende rol speelt. De relatief laagdrempelige toegang maakt dat partijen via crowdfunding investeerders kunnen bereiken die bij traditionele financieringsvormen minder eenvoudig bereikt worden. De markt voor crowdfunding groeit snel. Vorig jaar is voor 143 miljoen euro aan financiering gevonden via platformen die in Nederland onder financieel toezicht staan. In 2015 ging het om 90 miljoen, in 2013 slechts om 17 miljoen. Crowdfunding in onderhandse leningen maakt 90 procent uit van de ruim 140 miljoen aan financiering. De overige 10 procent is crowdfunding in effecten. Er zijn op het moment ruim 50 platformen actief, waarvan de grootste 10 een gezamenlijk marktaandeel hebben van 90 procent. Crowdfundingplatformen zijn vaak kleine bedrijven, voor wie nieuwe regels verstrekkende gevolgen kunnen hebben. Juist daarom hoopt Dijsselbloem hen in het voortraject al te betrekken bij het opstellen van de nieuwe regels. De minister streeft daarbij naar een balans tussen het behoud van toegang tot platformen en innovatie, met tegelijkertijd aandacht voor mogelijke risico’s en voor de bescherming van consumenten. Het ministerie van Financiën heeft in het kader van het overleg met de sector een consultatiedocument openbaar gemaakt waarop belangstellenden tot 27 november 2017 kunnen reageren. De Tweede Kamer zal over de resultaten van de consultatie worden geïnformeerd. Bron: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2017/10/12/minister-dijsselbloem-betrekt-sector-bij-invulling-nieuwe-regels-crowdfunding

Ondernemer?
Crowdfundscout geeft u binnen één minuut advies over welk crowdfundingplatform het beste past bij uw financieringsaanvraag.
Investeerder?
Ontdek hier alle actuele crowdfundingprojecten in Nederland van de AFM-geregistreerde crowdfundingplatformen. Met Crowdfundpanel beheert uw totale crowdfundingportefeuille ongeacht het crowdfundingplatform.

  • Crowdfundmarkt in de Telegraaf
  • Crowdfundmarkt op Emerce
  • Crowdfundmarkt in het FD
  • Crowdfundmarkt in het NRC
  • Crowdfundmarkt op Sprout